Verrijk je huis met deze 12 prachtige KAMERPALMEN

Van de stoere Stokpalm tot de luxe Manilla: je ontdekt hier zeker een kamerpalm die past bij jouw stijl. In dit artikel zetten we 12 kamerpalmen op een rij, inclusief tips voor de beste standplaats en het water geven.
Manilla kamerpalmen (Veitchia Merrillii)
Deze binnenpalmen zie je vaak in grote kantoren of publieke ruimtes. Ze kunnen dan ook megahoog de lucht inschieten! Bovendien is de Manillapalm vaak te koop als meerstammige palmboom in 1 pot.
Heb je een grote ruimte mét een hoog plafond? Dan is de Manilla toch echt wel een jaloersmakende kamerpalm om daar neer te zetten. Zelf wilden we deze palmboom ook maar al te graag, maar hebben er helaas de ruimte niet voor.
Standplaats: Volle zon! Dit is een van de weinige kamerpalmen die je echt bij een zonnig raam op het zuiden moet zetten.
Water geven: Houd de grond licht vochtig, maar vermijd stilstaand water onderin de pot. In de zomer vaak water geven, in de winter rustiger aandoen met je gieter.


Dwergdadelpalm (Phoenix Roebelenii)
Standplaats: Deze Phoenix variant kan zowel buiten als binnen staan. Tenminste, als je ‘m buiten zet, dan moet ie wel vorstvrij overwinteren. Zelf staat ie bij ons dan ook in de serre.
Water geven: Wat vooral heel belangrijk is bij een Roebelenii, is dat ie genoeg water krijgt. Het is namelijk een moeraspalm van origine. Houd de grond dus nat genoeg. Zorg daarbij uiteraard wél altijd voor een goede drainage. Maar deze kamerpalm krijgt op zich minder snel last van wortelrot.
Zelf staat ie bij ons met z’n eigen plantenpot in een grotere kuip. En die kuip vullen we dan steeds met water. Dan kan onze Dwergdadelpalm zelf het water absorberen wat ie nodig heeft. Vaak bijvullen is dan overigens regelmatig nodig.
Krijgt deze binnen palm te weinig water? Dan merk je dat vooral aan z’n bladeren: die laat ie dan uiteindelijk allemaal sip naar beneden hangen.


Gegolfde waaierpalm (Licuala grandis)
De Licuala grandis is een supermooie waaierpalm voor binnen die direct opvalt.
Standplaats: Zet de palm binnen op een plek in de halfschaduw, maar geef haar in ieder geval absoluut geen volle zon, anders krijg je verbrande bladeren.
Ook houdt de Licuala van een hoge luchtvochtigheid. Dit is dus géén kamerpalm voor een huiskamer met een erg droge lucht. Sproeien is overigens niet genoeg; een luchtbevochtiger of een onderschaal met water is een must.
Water geven: Houd de grond altijd licht vochtig, maar niet kletsnat. Gebruik kalkarm water, want ze is gevoelig voor zout- en kalkophoping. Meer over het nut van ontkalkt water lees je hier.
Let op: De gegolfde waaierpalm krijgt snel bruine randen bij droge lucht of als je dr onregelmatig water geeft. Als je niet voor de juiste omstandigheden zorgt, wordt ze helaas al snel een zielig hoopje bladeren.


Mexicaanse dwergpalm (Chamaedorea elegans)
De Chamaedorea elegans lijkt veel op de Areca-palm. Ze zijn dan ook familie van elkaar. Het grote verschil tussen die 2 zit ‘m vooral in de groeisnelheid: De Chamaedorea elegans is een trage groeier en wordt ook niet veel hoger dan 1,5 meter.
Standplaats: Zet de Chamaedorea palm op een plek met indirect zonlicht of schaduw. Voor een raam op het noorden zetten kan zodoende dus prima! De Chamaedorea zie je dan ook vaak als palm tussen de kantoorplanten.
Je kunt bij de Chamaedorea elegans overigens ook heel makkelijk zien of ie te veel licht krijgt: de bladeren worden dan geel.
Water geven: Qua water is hij ook een makkelijke kamerpalm: als de grond droog is, geef je ‘m te drinken. Wil je een beetje een houvast, dan zal het schema ongeveer op het volgende uitkomen:
in de zomer geef je ‘m om de 4 dagen een scheut water en in de winter slechts om de 14 dagen.


Goudpalm (Dypsis Lutescens) – makkelijke palm voor binnen
Deze kamerpalm heeft weet-ik-veel-hoeveel namen: Dypsis Lutescens, Areca palm, Goudpalm, Gouden rietpalm, Vlinderpalm en volgens mij is het rijtje dan nog steeds niet compleet. Maar dan weet je dus: als je zo’n palm wilt kopen, dan issie verkrijgbaar onder al deze namen, maar ze zijn toch echt allemaal dezelfde soort palmboom.
Zoals eerder benoemd is de Dypsis familie van onder andere de Chamaedorea elegans. De Dypsis groeit alleen veel sneller dan z’n neefje: soms wel tot 7 centimeter per jaar. De uiteindelijke groeihoogte zal ongeveer 2 meter tot 2m30 zijn.
Standplaats: verdraagt zowel licht als schaduw.
Water geven: Geef de Dypsis Lutescens regelmatig water. Het handigste is daarom om ‘m in een grote pot te zetten, dan hoef je niet de hele tijd bij te tanken (een grotere pot kan immers meer water vasthouden). Overigens betekent dat niet dat je ‘m moet laten zwemmen, maar gewoon een beetje lichtvochtig houden dus.


Ronde waaierpalm (Livistona rotundifolia)
Standplaats: De Livistona rotundifolia houdt in de zomer van een plekje met indirect licht, bijvoorbeeld een raam op het oosten. In de winter mag je de palm wél bij een raam op het zuiden zetten. Het gaat er meer om dat de Livistona rotundifolia het zonnetje niet direct op haar bladeren krijgt, omdat ze daar bruin en lelijk van worden.
Water geven: 1x per week water geven. Maar besproei de palm ook regelmatig met een plantenspuit of zogenaamde soft sprayer. De Livistona rotundifolia houdt namelijk van een hoge luchtvochtigheid, dus sproeien is wel nodig. Ook kun je eventueel een onderschaal onder de pot doen en die vullen met water, zodat het verdampt (en dat verhoogt dus de luchtvochtigheid).


Driehoekspalm (Dypsis decaryi)
Nog eentje met Dypsis in de naam, maar het is toch een compleet ander soort palm. Dit is ook meteen een heel bijzondere kamerpalm die je niet zo heel vaak ziet, omdat ie niet altijd verkrijgbaar is. Maar mooi issie absoluut wél!
De (Neo)dypsis decaryi heet niet voor niets de ‘Driehoekspalm’: z’n bladeren groeien vanuit de stam schuin omhoog en maken daarmee de vorm van een driehoek.
Standplaats: Je kunt deze palm in de zomer buiten zetten en in het najaar naar binnen verhuizen. Maar als je ‘m gewoon binnen wilt houden, dan kan dat ook prima. Zet de Dypsis decaryi dan op een plek met veel licht.
Water geven: Kijk uit dat je ‘m niet te veel water geeft. De grond goed laten opdrogen, voordat je je gieter er weer bijpakt.


Stokpalm (Rhapis Excelsa)
De Stokpalm (Rhapis excelsa) wordt ook wel Bamboepalm in de volksmond genoemd, omdat hij wat op bamboe lijkt.
Standplaats: Deze palmplant is super flexibel, want of je ‘m nou halfschaduw, schaduw, óf wat zon geeft: hij kan het allemaal prima aan. Deze palmplant is dus niet zo veeleisend, maar er is 1 uitzondering: zolang je hem maar niet in een raamloze kelder parkeert. Want zonder enige vorm van daglicht wordt het dan weer niks.
Hoe je weet of je Stokpalm op de juiste plek staat? Zo:
Krijgt ie te veel zonlicht? Dan krijgen z’n bladeren een steeds gelere gloed, alsof hij te lang in de zon heeft gelegen zonder zonnebrand. Staat ie te donker? Dan stopt hij met nieuwe bladeren aan te maken.
Water geven: Houd de grond licht vochtig, maar verzuip ’m niet. Droogt de grond uit, dan laat hij dat snel merken met slappe bladeren. Te nat? Dan kan ie wortelrot krijgen.
Check gewoon na 4 dagen hoe vochtig de potgrond nog is. Als het dan nog nat aanvoelt, dan heeft ie dus minder nodig. Maar als de potgrond dan al droog is, dan heeft ie meer nodig. Laat de potgrond liever nooit helemaal uitdrogen.


Vissenstaart palmplant (Caryota Mitis)
De Vissenstaartpalm heeft deze naam niet voor niets natuurlijk: de rafelige bladeren lijken op vissenstaarten die sierlijk op stevige takken hangen. Jonge bladeren beginnen felgroen en kleuren dieper donkergroen als ze ouder worden.
Standplaats: Deze palmplant voelt zich thuis op een plek met helder, indirect licht. Ochtend- of avondzon kan hij prima aan, maar felle middagzon? Niet doen, tenzij je van crispy bladeren houdt.
In de schaduw doet deze kamerpalm het verder ook goed, al groeit hij dan misschien wat langzamer en blijven de bladeren kleiner.
Water geven: De Vissenstaartpalm houdt van licht vochtige grond. Laat de aarde niet uitdrogen, maar voorkom dat z’n wortels in een natte modderboel staan, want dat levert gele bladeren op. En hij houdt bovendien ook van een beetje extra luchtvochtigheid, dus af en toe z’n vissenstaarten sproeien houdt ‘m zo gezond als een vis.


Kentia palmboom voor binnen (Howea forsteriana)
Kentiapalm (Howea forsteriana): relaxed, maar met duidelijke grenzen
Over de Kentia schrijven we wel vaker, omdat deze kamerpalm een luxe uitstraling heeft en vrij makkelijk in de verzorging is. De Kentia staat bijvoorbeeld ook niet voor niets in ons rijtje van de beste planten voor kantoor.
En wijzelf hadden er eentje op de slaapkamer staan, omdat deze palmboom meteen zorgt voor een relaxte, tropische vibe.
Standplaats: De Kentiapalm is zo’n plant die z’n rust waardeert. Fel zonlicht? Nee bedankt. Hij staat liever in de schaduw of op een plek met zacht, indirect licht. Krijgt hij te veel zon, dan laat hij dat meteen zien met bruine, lelijke bladeren. En verplaatsen? Daar is hij ook niet dol op. Geef ‘m een fijne plek en laat ‘m daar lekker staan.
Water geven: Wat het water geven betreft houdt hij als het even kan van een beetje regelmaat. De grond mag licht vochtig blijven, maar geef ‘m geen natte voeten. Dan zit de potgrond binnen no time onder de rouwvliegjes. Laat de bovenste laag van de aarde kort opdrogen voordat je weer water geeft. Zo blijft hij mooi groen en tevreden, zonder drama.
Wil je meer weten over deze kamerpalm? Check dan dit artikel speciaal over de Kentia palm.


Kokospalm (Cocos Nucifera)
De Kokospalm ziet er misschien relaxed uit, maar vergis je niet: dit is dé diva onder de kamerpalmen. Als je deze palm binnen hebt staan in Nederland/België (of in ieder geval in een niet-tropisch land), dan heeft ie héle specifieke verzorgingseisen. En hij verwacht ook dat jij die netjes opvolgt. Zo niet, dan issie binnen 3 maanden naar de plantenhemel (dat is de gemiddelde tijd dat mensen ‘m in leven kunnen houden).
Standplaats: Veel licht, maar geen directe, felle zon. Regelmatig besproeien is een must, want hij houdt van een hoge luchtvochtigheid van 60-90%. Is de ruimte te droog? Dan laat hij dat zonder pardon zien met bruine bladpunten.
Water geven: De grond mag nooit kurkdroog staan, maar natte voeten zijn ook een absolute no-go.
Kortom, deze kamerpalm wil aandacht. Hoe je ‘m dan precies tevreden houdt? Alle specialistische details daarover vind je in ons artikel: Kokospalm verzorging.


Australische koningspalm (Archontophoenix alexandrae)
Deze palm voor binnen wordt ook wel de Alexanderpalm genoemd. En majestueus is deze Koningspalm absoluut! Niet alleen qua z’n luxe uiterlijk, maar ook qua hoge eisen: het is dan ook best moeilijk om ‘m tevreden te houden.
Standplaats: Zon! De Australische koningspalm kan echt alleen op een plek staan met veel licht. Dus zet ‘m lekker voor een raam op het zuiden.
Water geven: 1x per ongeluk uit laten drogen? Dan is de kans groot dat ie onmiddellijk het loodje legt. Dat gebeurde ons tenminste. Ons automatische plantenwatergeefsysteem bleek bij terugkomst van vakantie uitval te hebben gehad. Daardoor was onze ‘Alex’ kurkdroog komen te staan. En toen was het meteen einde oefening helaas, want toen we ‘m weer wat water gaven, nam hij het vocht niet meer op, kwamen de rouwvliegjes feestvieren en rotte z’n stam er vervolgens pardoes af.
Verder waardeert deze koningspalm ook een hoge luchtvochtigheid, zoals de meeste tropische planten, bomen en palmbomen natuurlijk. Let er dus op dat de lucht niet al te droog is. Dat los je simpel op met een luchtbevochtiger of een onderschaal met water. En af en toe even besproeien.



